onbederf

Wat jammer nu toch, dan is er een journaliste ter plaatse, kan ze geen verslag uitbrengen van het grote Nijmeegse festival ‘Onbederf’lijk vers’ , omdat ze écht wel ter plaatse moet blijven, dit terwijl er maar liefst tien verschillende lokaties te bezichtigen waren. De journaliste bleef in café Funkenstein hangen, waar zij zelf optreden moest, samen met Prins en H.C. Ten Berge . Het verslag van de journaliste zal dus blijven hangen in het persoonlijke, niet dat dat minder interessant is:
H.C Ten Berge leek eerst nogal kritisch te zijn tegenover ons. Hij noemde het onderscheid tussen hijzelf en de ‘slammers’ terecht. Prins voelde zich wel een beetje beledigd, maar wou zich daarom des te meer bewijzen. Achteraf leek H.C. toch aangenaam verrast te zijn. Hij vond dat ik veel ‘finesse’ had. H.C Ten Berge heet overigens Hans, maar zijn uitgevers vonden het in de jaren ’60 beter om zijn initialen te gebruiken bij het uitgeven van zijn bundels. Dit naar analogie van H. Mulish, S. Vestdijk, K. Schippers, enzovoort. Dat was toen de mode. Van sommigen van die auteurs kennen we intussen de voornaam. Bij H.C. is het altijd H.C. gebleven. Vandaag volgen sommigen nog wel eens die oude mode op, of willen er een nieuwe mode van maken. Denk maar aan ACG Vianen of X Roelens. Mijn naam vind ik ook wel klinken met S.M. De Coninck, maar ik ben nu eenmaal van de omgekeerde wereld en gebruik enkel mijn beide voornamen.
Ik vond het schokkend van H.C. om te horen dat het intussen meer dan 20 jaar geleden is dat hij nog in België was. Vele schrijvers steken meermaals per jaar de grens over om daar op te treden enzovoort. H.C. blijkbaar niet. Hij heeft er geen connecties meer, zegt hij. En als je geen connecties hebt, kan je ook niet gevraagd worden om op te treden. De Vlaamse vrienden die hij er had, pleegden ooit zelfmoord. Dat deden vele schrijvers toen. Vreemd. Prins en ik keken even naar elkaar en we besloten nooit zelfmoord te plegen, anders is H.C. opnieuw zijn connecties kwijt. We hopen H.C. ooit eens te kunnen uitnodigen.
Op het eindfeest hebben we ook nog gepraat met Tonnus Oosterhoff. Die gaf ons een gratis idee. “Stel, je bent met vier dichters, ik, jij, jij en jij en je moet optreden ergens. Print dan elk je gedichten vier maal af en geef aan elke dichter een exemplaar. Lees dan elk om beurt hetzelfde gedicht voor. Dat vindt het publiek vast interessant. En jijzelf ook. Van één gedicht zijn er immers vele interpretaties mogelijk.” Dat deed me eraan herinneren dat ik bij dit optreden ook iemand zo’n plezier heb gedaan. Ik kreeg drie kwartier om op te treden. Bij de aanvang van ieder kwartier las ik een deeltje voor uit ’n gedicht van Ben Huizinga, dat vond hij wel fijn. Om te zien hoe ik zijn zinnen interpreteerde. Ja, soms moet je gewoon eens gebruik maken van ’n podium om je ding te doen.
We vertrokken om één uur en kwamen om drie thuis. Snel geslapen en om halfzeven er weer uit. Bleek een rampzalige donderdag te worden…
Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s