De Avonden: Leuven, 20 mei 2007

Nóg maar eens naar Leuven dan! De laatste tijd doe ik als stagiaire bij Radio 1 bijna niets anders meer dan naar die grote, kleine studentenstad gaan. Bij de KUL zitten er immers wat knappe koppen bijeen en die kunnen we wel eens gebruiken voor ons ochtendprogramma Voor De Dag. Maar goed, op De Avonden draait ’t om ’n veel twijfelachtigere wetenschap. Eén die je zomaar op je kan laten afkomen, zonder dat je er later duiding over hoeft te brengen. En daar wil ik mijn vrije tijd dan weer graag aan besteden. Dit verslag is dus volstrekt geen duiding, noem het ’n impressie. Eén die met De Avonden vier gedaanten aannam.

1. Jee Kast: Joost vulde zijn kwartier met voornamelijk nieuw werk. Zelf noemde hij het kleine versjes, te-korte-tekstjes-om-gedichtjes-genoemd-te-worden en thematische-poëzie-die-je-eigenlijk-nergens-anders-kunt-voorlezen-dan-op-de-themadag-zelf. Ik vond het grotendeels heel rustig werk. Misschien iets té rustig. Eigenlijk verlang ik van Joost vooral veel ritme, dat zat er zelden in. Gelukkig maakte hij het op het einde wat goed met twee songs, al had ik daarvoor misschien beter meer vooraan gezeten. Nu overstemde de klank nog teveel de stem.

2. Bo Vanluchene: 2007, het jaar van Bo. Steeds vaker kom ik haar tegen in tijdschriften en op poëziewedstrijden. De 19-jarige gaat er als de wind vandoor met mooie titels voor zowel poëzie als proza. Daarnaast lijkt ze dit alles ook nog goed op het podium te zetten. Hoewel ze me voor het optreden inlichtte over haar nervositeit en erna een grote ik-ben-blij-dat-ik-ervan-af-ben-zucht slaakte, kwam ze in the spotlight vooral erg beheerst en rustig over. Ze las haar teksten met nadruk en precisie. Het smaakte, zelfs haar bindteksten. Ik waarschuw iedereen andermaal: we horen nog van haar!

3. David (Prins) Troch: Hier ben ik niet neutraal, maar om het niet te hebben voorbereid, bracht Prins het er goed vanaf. David voelt zich het best op avonden als deze, zónder competitie, mét tijd om es wat uit te testen.

4. Lies van Gasse: Bo, Prins en ik waren het erover eens: ze schrijft prachtige dingen. Helaas waren we het ook eens over haar voorlezen: véél te snel. In tegenstelling tot Bo, neemt Lies niet de tijd om haar pointe te maken. Integendeel: naarmate het gedicht vordert, leest ze sneller en sneller, terwijl er net op het einde trager gelezen zou moeten worden. Lies had ’n pianospeler bij zich, die tokkelde tussen haar teksten door en verplichtte haar af en toe wat ritmischer te zijn. Het had geen mis effect, het werkte tot op zekere hoogte maar af was het zeker niet. Lies werkt eraan, dat zien we, maar helaas zien we ook nog steeds dat ze het liefst van al zo snel mogelijk van dat podium is.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s