De Morgen: ‘Print is dead’ verzamelt 21 x Vlaams aanstormend talent

Bij de poëzie is het Sylvie Marie die alweer met de pluimen gaat lopen.

Onder de provocerende titel Print is dead nemen Marc Verstappen en Harold Polis de polsslag van het jonge Vlaamse proza- en poëzietalent. Inleider Jeroen Maris distilleert uit de 21 teksten een nieuwe generatie die het cynisme afzweert en kiest voor ‘romantiek’. Is dat zo?

Door Dirk Leyman

Waar bevinden zich tegenwoordig de kweekvijvers van de nieuwe Vlaamse literaire kleppers in spe? Steeds minder in de literaire tijdschriften, zo wordt gezegd, maar steeds vaker in het vergaarbekken van het internet, op blogs en digitale literatuurplatforms. En vergeet allerminst de wervende kracht van het podium via poetry slams of van hippe schrijfwedstrijden als de Kunstbende. Maar als puntje bij paaltje komt, is ook deze webgeneratie tuk op haar verhaal in druk. De hiërarchie is duidelijk: papier prevaleert boven digitaal, papier blijft de ultieme literaire scherprechter. Dat de 21-koppige bloemlezing met werk van zich ontbolsterende Vlaamse auteurs nu nét de titel Print is dead meekreeg, is dan ook volstrekt ironisch. Op de unieke gezeefdrukte cover van het boek legt Magere Hein nochtans al zijn klauwen op de schouder van een nietsvermoedende Gutenberg. Wel gek dat uitgever Polis, vurig pleitbezorger van de digitalisering, deze bundel ook niet als e-book lanceert.

Met deze Print is dead hopen samenstellers Harold Polis en Marc Verstappen wellicht op het Mooie jonge goden-effect, naar de gelijknamige bundel uit 1986 die Herman Brusselmans lange tijd zijn roepnaam gaf. Latere bloemlezingen met aanstormend talent zoals Jonge sla (1994), de twee edities van Magazijn en het recente 20 onder 35 (2006) konden de impact ervan nooit evenaren.

Behalve bij een paar ingewijden zullen de namen van de 21 nu gebundelde twintigers maar amper een belletje doen rinkelen. Enkel Jan Aelberts (laureaat van de Brandende Pen), Maarten Inghels, Sylvie Marie, Eva Mouton en Charlotte Therssen lieten zich al eerder opmerken met hun schrijfsels. Voor de rest rekruteerden Polis en Verstappen vooral uit concours als Write Now!, Kif Kif en de Kunstbende. Voldoende voor inleider Jeroen Maris om toch een generatiegevoel te detecteren. In zijn nogal kinetische, woordbrakerige essay ‘Tijd voor nieuwe zangers!’ heeft hij het over “de volgepropte generatie”, “dat internetgespuis”, “dat revolutieloze autismeclubje” dat zich niettemin weer bekeert tot “de romantiek”: “er wordt weer volop aan het leven geleden”. En verder: “Gemis, natuurlijk. Eenzaamheid. Contactgestoordheid. Reddeloosheid. En: humor.” Of dit nu precies zo een trendbreuk betekent met een lichting eerder, is twijfelachtig.

Losse schetsen

Print is dead toont een wisselvallig palet, dat bijlange niet in staat is de aandacht 170 pagina’s lang vast te houden. Te veel auteurs serveren losse schetsen, die maar geen écht verhaal willen worden, alsof ze denken te kunnen volstaan met een stijlexercitie. Dat is bijvoorbeeld het geval bij Eva Mouton, die het voetspoor drukt van Saskia De Coster, bij Yannick Dekeukelaere, Barbara van Ransbeeck of bij Maarten Inghels in zijn verzorgde maar al te gekunstelde verhaal ‘De huisjesslak’. Keurig en ietwat schools proza krijg je wel meer opgelepeld, zoals bij Charlotte Therssen in ‘Huilen of lachen’ of bij Christophe Van Gerrewey, die als essayist al furore maakte. Iets meer durf zou welkom zijn.

Niet dat er geen talent opvonkt. Jan Aelberts overtuigt met zijn verhaal over trippende outcasts, waarbij hij weliswaar de mosterd haalde bij Jan van Loy. Ook Y.M. Dangre en Sarah De Mul verdienen zonder voorbehoud het predikaat ‘belofte’. De Muls confrontatie van een meisje met “peper in haar gat” dat op bezoek gaat bij haar ‘bomma’ is vrolijk-wanhopig, met een paar prangende en goed gevatte situaties. Al evenzeer een revelatie is Inan Akbas met ‘Het koude meisje’, een bitter verhaal dat – ondanks enige schoonschrijverij – strak aan de leiband wordt gehouden. Bij de poëzie is het de kersverse Humo-dichteres Sylvie Marie die alweer met de pluimen gaat lopen. Toch veroorzaakt deze Print is dead te zelden een wow-gevoel. Je kunt alleen maar hopen dat deze bonte bende in zijn volgende epistels wat meer buiten de lijntjes kleurt én – jawel, dat mag – ook eens met een doortimmerd, plotgestuurd verhaal op de proppen komt.

Marc Verstappen & Harold Polis

Print is dead.

Nieuwe schrijvers uit Vlaanderen

Meulenhoff/Manteau

173 p.

19,95 euro

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s