Verslag van de Nacht: ‘3 april zal niet bestaan’

Ik heb het gevoel dat, als ik niet opschrijf wat er gebeurde op de Nacht van de Poëzie, ik na drie weken al vergeten zal zijn hoe of wat. Daarom: mijn nacht in ’t veel te lang en veel te breed.

Zo rond zevenen moet het geweest zijn wanneer Prins en ik samen met Xavier Roelens de parking van de universiteit naast de Vooruit inrijden. We sjouwen met dozen vol KlugerHansnummers (ja, ik heb de concurrentie geholpen) richting het portaal waar al een stand van Hauser staat opgesteld en waar de mensen van Jeugd en Poëzie druk bezig zijn met uitladen. We zijn nog niet helemaal binnen wanneer ik Michiel Kroese (ha, de DeusExMachina-collega!) zie opdagen. Ik laat de KlugerHansers stikken en help uiteraard Michiel verder. Terwijl we de stand opstellen, komt steeds meer bekend volk ons groeten. Intussen zijn ook de drie Nederlandse meiden gearriveerd die die ‘nacht’ bij ons zouden slapen: Gina van den Berg, Nadine Ancher en Sophie.

Halfacht: dringend tijd om nog wat te gaan eten met zijn allen voor we niet meer weg geraken door het zien van de vele bekende koppen. We besluiten veggierestaurant GreenWay op te zoeken. Daar hebben we amper besteld of Nora Gomringer komt er ook binnengewaaid. Gek, een Duitse dichteres die in Gent meteen één van de beste veggierestaurants weet te vinden, al heeft ze wel wat moeite met het lezen van de menukaart. ‘Wortelen?’ spreekt ze aarzelend uit. ‘Carrots!’ roepen we in koor.

Halfnegen: Prins en ik bereiken de backstage. We krijgen een bandje om onze pols en enkele meewarige blikken van andere artiesten die staan aan te schuiven als ze te horen krijgen wanneer we moeten optreden. ‘Maar eerst nog een interview, hé’, zegt De Standaardjournaliste Jelle Van Riet die samen met eega Helmut Lotti achter ons staat aan te schuiven. ‘Halfeen op de zolder’, bevestig ik.

Binnengekomen in de backstage groeten we een hele hoop mensen. Het is lastig om er weg te geraken met al dat bekende volk, maar we doen ons best en even later kunnen we een blik werpen in de concertzaal waar Adriaan De Roover al aan het woord is. Er staat veel volk en het publiek ziet er alvast erg aandachtig uit. Leuk!

Hop, naar de zolder! Daar zou de presentatie van het Liegend Konijn doorgaan. De zolder van de Vooruit blijkt hoog te zijn en de wenteltrap ernaartoe eindeloos. Toch, tegen onze verwachting in, is er heel veel volk boven geraakt. Het zit er tjokvol. Bart van der Straeten en Bo Vanluchene bekennen me erg zenuwachtig te zijn voor hun optreden. Nergens voor nodig;

Negen uur: Maud Vanhauwaert is druk doende met het installeren van haar laptop waarop straks de filmpjes zullen worden afgespeeld die verschillende auteurs maakten bij het schrijven van een gedicht. Maud schreef er ook haar scriptie over en daarover zal Van Riet haar om halfeen interviewen. Paul Bogaert, Maarten Inghels, Astrid Lampe en ikzelf, die meewerkten aan het interview mogen erbij komen zitten. Ter ondersteuning en bevestiging van Mauds verhaal. Maar dat is dus voor later. Intussen heeft Jozef Deleu het nummer al ingeleid en is Gerrit Komrij al begonnen met zijn voordracht. Ik groet Hans Cottyn en Tine Moniek nog snel en spreek met Prins af dat we ons maar beter opsplitsen om alles goed mee te maken: hij blijft bij het Konijn, ik ren naar beneden om in de concertzaal het dichtersdefilé mee te maken.

Halftien: Ik zie de optredens van Bart Stouten, Johan Joos, Willie Verhegghe, Edith Ringnalda, Tjitske Janssen, Menno Wigman, Frank Starik, Vrouwkje Tuinman, Joost Zwagerman, Jules Deelder en Johan Joos. Het publiek is braaf, aandachtig en zit gemoedelijk voor het podium. Joos is de eerste die het echt te bont maakt met het overschrijden van zijn tijdslimiet. Hij blijft nog een tijdje schreeuwen als zijn microfoon wordt uitgezet en de lichten doven en druipt dan toch af. Tussendoor ga ik af en toe backstage om wat te drinken, maar ik houd me eraan nuchter te blijven. Straks immers nog dat interview, en dan optreden. Het zou zonde zijn het niet bewust mee te maken. In de backstage raakt al snel bekend dat alle optredens intussen een uur vertraging hebben opgelopen. Dat wordt dus om halfvijf optreden. Ik kruis de vingers.

(c) Filip Claus

In de concertzaal mag ik nog het PowerRangersoptreden van Dirk Van Bastelaere meepikken, maar ook al zat ik helemaal vooraan, ook ik kan de man niet herkennen tussen de verschillende voorlezers. Zonder masker en kledij was me dat wellicht wel gelukt. Het optreden van Antoine Boute en Mauro Pawlowski blijft me bij.

Halfeen: ik rep me naar de zolder voor het interview met Maud Vanhauwaert etc. Daar aangekomen zie ik Prins terug. Ook merk ik al snel dat ook de zolderprogrammatie flink vertraging heeft opgelopen. Het interview met Gerrit Komrij moet er nog beginnen. Het is een gezapig interview. Komrij murmelt wat, Van Riet lijkt me te moe om echt nog helemaal scherp te staan als interviewster. Als Komrij vertelt dat hij zijn gedichten vaak vlak na het schrijven geweldig vindt, maar dat dit gevoel ook meteen is verdwenen wanneer iemand het tegendeel beweert, stelt Van Riet moedig voor dat Komrij zijn gedichten voortaan maar naar haar moet sturen, zij zal hem altijd overstelpen met lof, belooft ze. Zo kabbelt het gesprek verder.

Halftwee: voor een man of vijftig vangt het interview met Vanhauwaert, Inghels, Lampe, Bogaert en ikzelf aan. We kunnen eindelijk terzake komen. Hoewel terzake, het hele interview verloopt nogal stroef. Van Riet heeft geweldige vragen voorbereid vol citaten en verwijzingen, maar wil daar dan ook niet van afwijken als wij, meegevoerd door het gesprek zelf een structuur trachten aan te brengen. Wat ook botst, is de bedoeling van Van Riet om het gesprek open te trekken naar bronnen van inspiratie voor de dichter, en onze bedoeling om het vooral op Maud haar bevindingen te houden. Spijtig, we hadden misschien beter vooraf wat dingen afgesproken, want de aandacht verdiende het werk van Maud wel.

Halfdrie: Prins en ik reppen ons naar beneden en begeven ons weer in de concertzaal die al flink uitgedund blijkt te zijn. We zien optredens van Sakia De Jong, Steven Grietens, Stefan Hertmans, ACG Vianen, Peter Verhelst, Eva Gerlach, enzovoort. Het lukt me alvast moeilijker om ze allemaal netjes op te sommen. Joost Baars moet steeds meer zijn hoofd ondersteunen bij het bekijken van het defilé, Thomas Möhlmann probeert de absinth uit.

Wanneer we in de backstage staan, komen plots enkele jonge kerels binnen met de vraag of iedereen die jonger is dan veertig, wil meekomen op het podium om ‘de boel te blokkeren’. Ik heb geen idee wie de aanvoerder van de coup is. In de concertzaal aanschouw ik het spektakel van de mannen dat geen spektakel is. Dat moet ook Gina van den Berg gevonden hebben, met een slaapzak over haar heen getrokken, ligt ze geveld in een hoek van de zaal. Kenny De Thaey ergert zich mateloos aan de act.

Vier uur. Normaalgezien moesten Prins en ik al lang op het podium hebben gestaan, maar we krijgen te horen dat het nog zeker een uur zal duren voor het aan ons is. We besluiten toch maar naar de backstage te gaan en nog wat te oefenen. Strevers zijn we, ook op dit uur van de nacht waarin we steeds meer glazen horen vallen en het steeds kleiner wordende publiek toch steeds zelf meer decibels produceert. Terwijl we in een kamer apart aan het oefenen zijn, neemt ook Stijn Meuris een rustpauze. Ik feliciteer hem met zijn teksten. Hij geeft toe dat hij er steeds meer in knipt naarmate de avond vordert. ‘Het volk kan het niet meer aan’, zegt hij. Dat begrijpen we. Toch blijven we oefenen voor onze act.

Kwart voor vijf. Het is aan ons! Na Diana Ozon komen we op. Mijn trouwjurk heb ik weliswaar niet aan, mijn verlovingskleedje wel. Niemand die er iets om geeft. Het verloopt vlot, maar vanwege het late uur ken ik het verschil niet meer tussen de letter h en de letter g. Dat is sowieso al moeilijk voor een West-Vlaming, maar nu des te meer. Desondanks krijgen we tussenapplausjes en vangen we na onze beurt hier en daar wat complimenten op. Dat vooral dan van de nog verbazend vele Nederlanders in de zaal, voor wie een Nacht van de Poëzie een jaarlijkse gewoonte is. Roos Custers is één van hen. Je ziet wel wie de diehards zijn. Didi de Paris werpt me wel nog enkele kritische noten toe. Mijn stemgebruik zat volgens hem niet goed.

Kwart over vijf: Ik kan nog genieten van het optreden van Delphine Lecompte en de alleerlaatste dichter NoN, die ook zwaar over zijn tijd gaat. Net als bij Johan Joos gaan bij hem de lichten uit. Aan het tafeltje achter ons zitten een man en een vrouw NoN contant uit te jouwen, maar de rest van het publiek gaat er niet op in en NoN krijgt alsnog een welverdiend applaus. Na de opkomst van Guido Lauwaert en Michaël Vandebril op het podium, is het Spinvis die de overlevers van de nacht weer laat verbroederen en alles wat fout gelopen is, goed maakt.  Ik loop nog wanhopig te zoeken in backstage om wat drank, maar alles is op. Dan maar de fles jenever kraken die alle dichters van Filliers gekregen hebben. Bart FM Droog steekt me nog een glas wijn toe, van Edith Ringnalda krijg ik een sigaret.

Zes uur: De afterparty gaat door aan een caravan op het parkeerterrein van de universiteit. Daar nemen onze drie logies afscheid van ons. Ze nemen alsnog de eerste trein naar huis in plaats van bij ons te slapen. We krijgen de bundel van Hélène Gelèns in onze handen gedrukt als dank. Aan de caravan blijven we nog wat praten, maar al snel merken we dat we hiervoor te nuchter zijn gebleven en na één glaasje Slivovitsj hebben we het wel gezien. Thuis aangekomen, horen we de haan kraaien en knippen de straatlichten aan. Dat doen ze bij ons immers al een tijdje, ’s nachts uit en overdag aan. We weten nu al: 3 april zal niet bestaan.

Advertenties

2 gedachtes over “Verslag van de Nacht: ‘3 april zal niet bestaan’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s